Review: Anne Soldaat - Anne Soldaat
Na zich een aantal jaren heel dienstbaar te hebben opgesteld als gitarist in de band van Tim Knol, treedt Anne Soldaat deze nazomer weer zelf op de voorgrond. En wel met een wederom bloedjemooi album onder zijn eigen naam, als opvolger van In Another Life van alweer drie jaar terug. Jawel, op dié plaat teren ging ook nog steeds goed, maar we waren wel weer eens toe aan nieuw éigen werk van de voormalig Daryll-Ann-gitarist en Do The Undo-oprichter.
En hoe fijn is het om te horen dat single Maybe meteen een droomopener van deze nieuwe plaat is, gedragen door een simpele maar oh zo effectieve en herkenbare gitaarriff en dito tekst. Plus een drive waarvan de zon acuut doorbreekt, zeker als Soldaat hier voor het eerst weer zijn kenmerkende zangstem opzet. Volgens het Grote Clichématige Metaforen-boek de ideale soundtrack voor zo’n autorit in volle vaart door het weidse Amerika, in de Californische woestijn even buiten Los Angeles bijvoorbeeld. Clichés zijn niet voor niets waar: niet toevallig is dat de stad waar Soldaat opnieuw naartoe ging om zijn nieuwe album op te nemen, net als voor solo-debuut In Another Life wederom met producer Jason Falkner.
Meer van hetzelfde dus? Uiteraard, verwacht van een ambachtelijke liedjessmid als Anne Soldaat niet dat hij opeens iets radicaal anders gaat doen. Zouden we niet durven. En waarom zou hij ook, als het opnieuw zo’n heerlijke liedjesplaat als dit nieuwe album oplevert? Op tien uit elf nummers dan, want als we even mogen beginnen met zeuren (hebben we dat gehad): tweede track Ding Ding Sun is voor Soldaat’s doen wel heel luchtig, op het wat lullige, kazige af zelfs. Of is dat de invloed van Falkner geweest, die aan dit liedje meeschreef?
Dat weten we niet precies. Wat we wel weten: na goede opener Maybe en de heel degelijke rocker Flingels Shadow, stijgt Soldaat’s album pas vanaf het vierde nummer op de plaat echt naar grote hoogte als het om pure schoonheid gaat. Om daarna niet meer in te zakken. If is een ontroerende ballade met ontboezemingen vanaf de achterbank van een taxi. Hierna volgt de ene parel na de andere: een met net wat venijniger gitaren aangezette rocker Mai Thai zit heel mooi ingeklemd tussen twee heerlijke luchtige liedjes: het door een lichte country-schwung voortgedreven On My Way (wederom voer voor die lange autoritten) en de Byrds-achtige, verslavende Westcoast-powerpop van Safe As I Rock, een van de beste liedjes van de plaat en met fijne koortjes.
De laatste mooie rustpunten zijn vervolgens slim aan het einde van het album geparkeerd: het ingenieus, laagje voor laagje gearrangeerde walsje Purple Heart met lieflijke dameszang aan het slot en bedrieglijk voortkabbelende Seeing Sounds, dat net zo mysterieus klinkt als de songtitel suggereert. De finale hierna is passend kaal en gestript: Soldaat alleen op akoestische gitaar in Salted. Een klein liedje dat hij eerder al schreef voor de voorstelling Zout van Conny Janssen Danst, maar ook als ingetogen afsluiter van deze fraaie liedjesplaat is Salted zeer op zijn plaats. Die ene zeperd aan het begin ben je dan allang weer vergeten.
Want wat bijna al deze liedjes uit de pen van Soldaat met elkaar gemeen hebben, behalve dat ze altijd heerlijk in het gehoor liggen? Vanaf de eerste beluisteringen lijkt het al alsof ze er altijd zijn geweest, zo tijdloos en toch fris. Vergeet het niet: die worden alleen door Hele Groten geschreven. In Nederland is Anne Soldaat er nog altijd zo een.
Anne Soldaat presenteert zijn nieuwe album officieel in de Amsterdamse Bitterzoet op 5 september en staat enkele dagen later ook op Into The Great Wide Open op Vlieland.



