Review: Moss - Ornaments
IJle keyboardklanken in de verte, enkele elektronische drumeffecten, een baslijn van twee tonen op een hoekig ritme, die langzaam de kar op gang trekken... ‘Is dit wel echt de nieuwe Moss?’ zo ben je even geneigd te denken tijdens de eerste dertig seconden van Ornaments, met de vele sprankelende liedjes van voorganger Never Be Scared/Don’t Be A Hero nog in het achterhoofd. Maar aan die twijfel komt een abrupt einde als dan eindelijk een inmiddels overbekende, in galm gedoopte stem van Marien Dorleijn weerklinkt. “I don’t mind, I don’t mind... I will give it a go, I said”, zingt hij in het zich langzaam met behulp van synths openvouwende I Am Human, een gedurfde, mysterieuze plaatopener waarin onder oppervlakte stiekem heel veel gebeurt.
De berichten vooraf verklapten al het een en ander: Moss is voor zijn derde album niet gegaan voor een net zo directe, sprankelende gitaarpopplaat als Never Be Scared/Don’t Be A Hero. Dat was op afstand de beste Nederlandse plaat die in 2009 verscheen en goed voor een flinke doorbraak die wat gangbaarder debuut The Long Way Back (2007) nog niet wist te bewerkstelligen. In de studio is de band – tegenwoordig weer met z’n vieren - duidelijk met een ‘less is more’-attitude aan de slag gegaan, op zoek naar nieuwe invullingen van Dorleijns liedjes en soms andere, iets donkerder sferen.
Wat is er nodig om spaarzamer ingezette middelen meer sfeer in de liedjes te krijgen en om die langzaam onder de hersenpan van de gewillige luisteraar te laten kruipen? Bij die zoektocht in de studio en in de rustige omgeving van Vlieland is subtiel gebruik van meer elektronica kortom niet geschuwd, die behalve in het mooie I Am Human het duidelijkst hoorbaar is in de beats en diepe bas van herfstig rustpunt Tiny Love of het zelfs bijna dansbare, maar ook zeer poppy Almost A Year, ingeleid door catchy handclaps en een analoge synthmelodie, eindigend in opzwepende drums en percussie.
Maar anders dan bij genoeg andere bands levert het zoeken naar nieuwe elementen en meer gestoei met elektronica en inkleuring met synths absoluut geen geforceerd klinkende plaat op (hallo Maccabees!). Die valkuil is dankzij dosering en goed zoeken naar de juiste toon knap ontweken, maar daarvoor blijven ook de mooie stem van Dorleijn en zijn signatuur in de zonder uitzondering sterke nummers en melodieën simpelweg te herkenbaar.
Intussen blijft het deels op Vlieland opgenomen Ornaments zeker bij de eerste luisterbeurten geregeld verrassen. Met die keyboards in het al genoemde Almost A Year bijvoorbeeld, en na dat kalm wiegende begin met I Am Human, gaat Moss plotseling 2,5 minuten vol gas met Spellbound, een voor deze band ongekend gejaagd nummer gebouwd op onrustige, roffelende drums en drukke gitaar- en baslijnen, waar overheen Dorleijn bezield de longen uit zijn lijf zingt. Sowieso zijn meerdere liedjes vaker dan voorheen duidelijk gebouwd op een snelle, bijna gehaaste ritmiek, waaronder minimaler ingevulde, puntige nummers Give Love To The Ones You Love en het ook al zo sterk opgebouwde Good People, waarin nadrukkelijker de zangkoortjes à la een ouder liedje als The Comfort in terugkeren.
Direct catchy en zeer knap in elkaar stekend is dan weer een directer klinkend tweeluik op de helft van de plaat, dat meer aansluit op het werk van Never Be Scared... Een dwingende loop van synths en bas vormt de drijvende kracht in het sluipende The Hunter, met halverwege een flink robbertje vechtende gitaren als climax. En dan is er dat “I wanna see you every hour, I wanna meet you every day”-refrein met aanstekelijke handclaps, dat al na één keer horen niet meer uit je hoofd te krijgen is. Uptempo gitaarliedje en single What You Want direct hier achteraan is ook meteen raak, met een van de mooiste zangmelodieën die Ornaments rijk is. Je zou hierna bijna vergeten dat mysterieus miniatuurtje A Real Hero Dies In The End niet enkel als rustpunt dient, maar binnen slechts twee minuten ook grote schoonheid te bieden heeft.
Aan de andere kant van het spectrum der bondige, zorgvuldig aangeklede popliedjes staat dan het ruim negen minuten durende sluitstuk Ornament, waarin de band zich waagt een lijvig stuk spacerock met een dwingende groove, weirde geluiden en donderende drums links en rechts. Een gewaagde doch spannende finale op dit per luisterbeurt steeds beter wordende album. Dat Never Be Scared... nét niet overklast wordt, zegt vooral iets over dié plaat, niet zo zeer over dit mooie, spannende en sfeervolle Ornaments. Want net als nieuw werk van onder meer Blaudzun, The Black Atlantic en Bart Constant stijgt dit album ver uit boven een boel internationale releases die we deze dagen te horen krijgen. Diepe buiging.
Moss gaat vanaf begin maart uitgebreid op clubtour. Zie de bandwebsite voor alle data en locaties. Met een optreden op Eurosonic eerder deze maand was alvast verdraaid weinig mis.
Reacties
Pascal | Donderdag 26 Januari 2012 16:58
Klinkt de hele plaat als een slechte imitatie van the Walkmen of alleen die single? (een vraag aan de lezers van dit artikel, niet aan de recensent uiteraard)
Tjeerd | Donderdag 26 Januari 2012 18:29
De single vind ik totaal niet representatief voor het afwisselend geheel dat Ornaments is. Ik vind dat Moss zich met deze plaat wederom overtreft!
Joost | Donderdag 26 Januari 2012 19:58
Heb Ornaments al een paar weken in huis (dankzij Excelsior Supports) en heb hem al helemaal grijs gedraaid. Wat een prachtig album is dit. Kan hem met gemak 4 keer achter elkaar draaien. Complimenten. Ik reserveer alvast een plaatsje in mijn eindlijst voor 2012!
Bokke de Heidehipper | Donderdag 26 Januari 2012 20:49
Ben ik de enige die geen touw kan vastknopen aan deze recensie? Eén zin die vijf regels bestrijkt bijvoorbeeld.......
Bas | Donderdag 26 Januari 2012 22:23
Ja, je bent de enige. Sorry man.
Bokke de Heidehipper | Donderdag 26 Januari 2012 22:28
Ok. Dan kruip ik weer in mijn hol.
Bokke de Heidehipper | Vrijdag 27 Januari 2012 10:17
Toch is mijn punt wel duidelijk denk ik. Ik vind het een overdreven, opgezwollen en soms onleesbaar stuk over een plaat die nou ook weer niet zo heel bijzonder is. De zang is soms gewoon vals, maar iedereen lult elkaar weer kritiekloos na.
Tjeerd | Vrijdag 27 Januari 2012 10:34
@Bokke Je denkt toch niet dat mensen na beluistering van de plaat de positieve mening van anderen na gaan praten, terwijl ze de plaat zelf niet interessant of goed vinden? Je punt is duidelijk: jij hebt een andere mening dan de recensent; zo ken ik er nog wel een paar...
hedzer | Vrijdag 27 Januari 2012 10:50
We weten dat Joris geen stylistisch wonder is als het gaat om het gebruik van onze prachtige Nederlandse taal op schrift, maar ik vind dat hij toch heel goed weet over te brengen wat hij van de nieuwe Moss vindt en waarom.
Bokke de Heidehipper | Vrijdag 27 Januari 2012 12:21
@Tjeerd: het lijkt me logisch dat ik dat niet denk. Je polariseert. Het schiet wel een beetje door met de hosannaverhalen, vind je niet? Dat is wat ik wil zeggen met elkaar kritiekloos nalullen. Geen enkele kritische noot, terwijl je die ook best naar voren mag brengen. Zonder de strekking van je stuk tekort te doen. Dat is juist je taak als reviewer.
Enzo | Vrijdag 27 Januari 2012 15:35
Eigenlijk maakt het niet uit of een recensent een positieve of negatieve recensie schrijft, zolang je maar een beetje idee krijgt over het soort muziek. Er komt zoveel uit dat je toch een beetje moet selecteren; je kunt dan zelf luisteren en je oordeel vormen. Zo vind ik van de genoemde Nederlandse platen in de recensie Blaudzun en Bart Constant weinig interessant, maar deze van Moss erg goed.
Badder | Vrijdag 27 Januari 2012 16:31
Ik vind dit een goede plaat. Top. Wat de recensie betreft: de recensent beschrijft zijn/haar mening (deels objectief en deels onvermijdelijk subjectief) en daar kun je wel of niet iets mee doen. Kritiekloos nalullen, de nieuwe muzikale richting van Moss alvast bezien (voor je 'm zelf gaat beluisteren) of iets gaan zeggen over de stijl/beheersing der Nederlandse taal van de schrijver. Mijn voorkeur gaat uit naar het tweede. In dit geval had ik de plaat zelf al gehoord dus had ik zelf al een mening en hoef ik Joris niet kritiekloos na te lullen. Top plaat dus. Enige is dat ik me, i.t.t. tot Joris niet zou willen wagen aan een vergelijking met de vorige plaat (welke is beter): ik vind ze lastig tot niet te vergelijken. Moss maakt een zeer bijzondere ontwikkeling door en ik ben benieuwd waar dit toe gaat leiden.
Thomas | Vrijdag 27 Januari 2012 19:35
Ik las vandaag dat Moss op 'save' zou gaan met deze plaat. Wat een kul. Deze plaat Ornaments is een logisch vervolg op de vorige plaat. Ze zoeken de grenzen op van het experimentele, zonder zichzelf te verloochenen. Of erger, een andere band te kopiëren. Ik geniet er van.
Enige minpunt is dat de prachtige samenzang (waarom ik zo van Never Be Scared hou) naar de achtergrond verdwenen is. Voor de rest bijzonder fraaie plaat!
Kleine noot: de zinnen mogen inderdaad wel een ietsiepietsie bondiger worden geformuleerd. Verder zet je het naar mijn mening een goed beeld neer van de plaat. Ik heb de review in ieder geval met plezier gelezen.
azzi | Vrijdag 27 Januari 2012 20:00
Hierdoor vind ik dit nou zo'n leuke en fijne site. Door al die reacties en meningen.
Bob | Vrijdag 27 Januari 2012 23:31
Ik vind Moss een bandje. Met liedjes.
Bokke de Heidehipper | Zaterdag 28 Januari 2012 13:52
"Ze zoeken de grenzen op van het experimentele". Yeah, sure!
Reageer op Review: Moss - Ornaments