Kicking the Habit

Gross Magic is dé ontdekking van de eerste Le Guess Who?-avond

 Stephen Malkmus op Le Guess Who? 2011

Stephen Malkmus op Le Guess Who? 2011

Nu is het bepaald niet zo dat we de afgelopen weken nu een tekort aan festivals en mooie optredens hebben gehad, maar toch: naar de vierdaagse van Le Guess Who? in Utrecht keken we de afgelopen tijd toch het meest uit. Wat wil je met een line-up die bestaat uit bijna altijd spannende namen, of ze nu al wat langer meegaan of nog volslagen onbekend zijn? Een blik op het blokkenschema leert dat je deze dagen in ieder zaal (oa. Tivoli Oudegracht en De Helling, Ekko, db’s, ACU) wel een goede avond zou kunnen hebben, als je niet te veel zou willen zappen. Als er zoveel te beleven is, dan weet je: dit is een geweldige line-up.

Een uitverkocht huis levert de donderdagavond van Le Guess Who? echter nog niet op, maar zoals het in Ekko en Tivoli Oudegracht in ieder geval ‘gezellig druk’ is, dat is ook heel wat waard.

Voor de officiële aftrap van Le Guess Who? gaan we naar Ekko, waar het Canadese Braids begint, een band die het chillwave geluid van Washed Out combineert met de dreampop van bands als Beach House en Memoryhouse. Maar opvallend is meteen dat Braids een stuk hoekiger klinkt dan veel vergelijkbare hedendaagse bands. Vanaf de eerste tonen van het optreden dwingt de kleine frontvrouw Raphaelle Standell-Preston meteen respect af dankzij haar loepzuivere vocalen. De extra toevoeging van percussie geeft het optreden een flinke stoot dynamiek, waardoor Braids soms opvallend dansbaar uit de hoek komt. Jammer is dan wel dat de gitaar soms wat achterblijft in de mix, juist omdat de zangeres haar geheel eigen manier van gitaarspel heeft met een opmerkelijke timing en aparte melodieën. Live is de band zeker overtuigend, met hecht samenspel en geholpen door het opvallend heldere geluid. Enig minpuntje is dat vanaf de tweede helft van de set de liedjes steeds meer op elkaar beginnen te lijken en minder blijven hangen. De climax die je telkens voelt aankomen blijft uit. Maar duidelijk is dat het publiek in een bomvolle (maar tegelijkertijd ook stille) Ekko hier verder meteen een prima start van het festival te pakken heeft.

Wat overigens ook geldt voor degenen die naar Tivoli Oudegracht zijn gekomen om de drie kleine Japanse dames van Nisennenmondai, opgericht in 1999 en vernoemd naar de toen oh zo dreigende Milleniumbug. In alle rust het podium op komen gewandeld, om te beginnen met een nog wat richtingloze krautdiscogroove van een minuut of tien, waarbij de basgitaar meer voor melodie zorgt dan de twee gespeelde noten op het kleine keyboard. Maar dan wordt het keyboard vervangen door een gitaar met een aardige effectenbak en gaat de flink uitgesponnen, dansbare muziek steeds intenser, gejaagder én doelgerichter klinken. De dames ogen intussen ook minder stoïcijns dan wel verlegen, op de geconcentreerde bassiste op links na. Waarna Nisennenmondai de set plots besluit met een heftige portie dwarse noise, waardoor het inmiddels gegroeide publiek in Tivoli definitief over de streep gaat. De verbazing (‘wat was dat nou?’) mag nog even plaatsmaken voor vertedering als een van de bandleden in gebroken Engels vertelt vrijdag nog eens op te treden in de Helling en dat er merchandise is. “So please buy.”


Nisennenmondai

Even later in Ekko blijkt Nurses de zaken live behoorlijk anders aan te pakken dan op plaat (check hun nieuwe Dracula), met een vrij minimale podiumsetting. Met een kaal drumstel met pads, een zanger/gitarist en heerlijke funky baslijntjes die vanavond de show stelen (samen met de drums een ijzersterke basis van de band), bedient Nurses haar publiek. Daarmee is het livegeluid minder vol en uitgemeten dan op plaat; enkele subtiliteiten in de eclectische mix van invloeden die op het album samenkomen - funk, dub, (post)punk, indie, electro en soundscapes - vallen voor een deel weg in de vertaling naar het podium. Wat overblijft is een set met prima vrolijke indiepopliedjes die vooral overtuigen door de catchy refreintjes met sterke zangmelodieën, die klinken als de net zo ondefinieerbare doch intrigerende vocalen als van Beach House's Victoria Legrand. Hier en daar zijn ook echo's van Beach Boys te horen, als Nurses op zijn meest zonnigst is. Meer actuele referenties zijn bands als Girls of The Drums. Misschien niet altijd even opmerkelijk of uitdagend, maar gewoon erg lekker in het gehoor liggende indiepop.

En dan valt alles op zijn plaats: met Gross Magic is de opbouw van de avond in Ekko ineens compleet en krijgen we een band voorgeschoteld die typerend is voor Le Guess Who? Tot voor kort hoorden we nog maar weinig van Gross Magic, maar de punky lo-fi liedjes van de band uit Brighton, het geesteskind van Sam McGarrigle, vormen de meest opwindende ontdekking die we de laatste tijd deden. Gross Magic is eigenlijk een beetje het brutale neefje van Nurses, dat zich net iets meer in de kijker durft te spelen. Met het slonzige uiterlijk en de slackerhouding van de bandleden heeft Gross Magic het makkelijk in zich om over een klein jaartje de nieuwe Wavves te worden. Niet voor niets tipte koning van de lo-fi Ariel Pink de band eerder al. Achteloos spelen deze slackers hitje na hitje; ongelovigen mogen er Sweetest Touch van de EP Teen Jamz nog even op naluisteren, een liedje waar heel wat bands jaloers op kunnen zijn. Maar eigenlijk is elk nummer raak.

Niet eerder hoorden we een optreden met zo'n krakkemikkig gitaar- en zanggeluid, alsof het geheel wordt afgespeeld door een defecte transistorradio. Maar tegelijkertijd is deze show zo gruwelijk lekker en vol overgave gespeeld. Als de hele wereld rondom Gross Magic zou instorten, dan nog heb je het gevoel dat deze Britten onverstoord door zou spelen, zich een weg banend door een set met slonzige, punky en übercatchy popliedjes. Langzaam loopt Ekko een beetje leeg voor het optreden van Stephen Malkmus, maar gelukkig zijn nog genoeg mensen aanwezig om de belofte van Gross Magic mee te krijgen. Eigenlijk is dit optreden veel te kort. Deze band moet gewoon heel, heel snel terugkomen met een nieuwe plaat onder de arm. We spreken elkaar dan weer.

 Malkmus laat zich overigens al een keer eerder op het podium van Tivoli Oudegracht zien, tijdens het optreden van lompe boerenpummel-jamrockband Endless Boogie, waarin we ook Chavez-held Matt Sweeney nota bene aantreffen. Voor Malkmus’ komst moeten we ons eerst wel door enkele richtingloze rocknummers zonder hooks of melodie heenwerken, inclusief een dodelijk saaie seventiesrockjam van een dik kwartier. Je ziet meerdere toeschouwers zich afvragen of we hier niet stiekem met een pastiche à la Spinal Tap van doen hebben. Dat zal ook aan de looks van de zanger liggen, met zijn lange haar en foute snor. Endless Boogie? Endless Boredom en veel te weinig boogie. Maarja: aan het slot delen daar dus plotseling wel twee Amerikaanse underground-iconen uit de jaren negentig een kleine tien minuten het podium. Sweeney zingt zelfs met schorre stem een nummer terwijl (inmiddels weer ex-)Pavement-voorman Malkmus een potje intensief mee komt bassen. Los van de muziek die de volgende ochtend allang weer is vergeten dus tóch een uniek momentje op Le Guess Who? 2011. Goed ook voor een dikke grijns op het gezicht van een van de programmeurs, zo zagen wij.


Endless Boogie met Stephen Malkmus (links)

Loom grijnzen, dat gaat eigenlijk al vanzelf als Stephen Malkmus and the Jicks dan eindelijk opkomen en er geen seconde omheen draaien: meteen rammel-knalt het olijke Senator van jongste plaat Mirror Traffic erin, zodat we direct ‘I know what the senator wants, what the senator wants is a blowjob” kunnen meezingen’. Wat volgt is aardig wat werk van de nieuwe plaat (uptempo liedjes Tigers en Stick Figures In Love en het al vroeg gespeelde Brain Gallop vol nijdige dubbele gitaarlijnen springen eruit) en wat ouder werk, nonchalant en bij vlagen opzettelijk rommelige gespeeld als altijd, al hoor je af en toe dat er toch echt goede muzikanten op het podium staan. Leuk detail: bij ander hoogtepunt Jenny and the Ess-Dog van zijn solodebuut verraadt Malkmus nog even hoeveel dat liedje eigenlijk lijkt op Tom Boy van Bettie Serveert, ooit Pavement-labelgenoot op Matador. Al met al krijg je zo een heel vermakelijk optreden van een indie-icoon te zien, maar intussen verdommen Malkmus en zijn Jicks het nu eenmaal om een uur lang enkel de beste liedjes uit het oeuvre van vijf soloplaten te spelen, wat ze heel goed zouden kunnen. Enkele langzamere nummers zijn nu eenmaal minder goed en halen alle vaart uit de set. Malkmus is op zijn best als hij het bondig houdt. Zo’n eigenwijze en pretentieloze instelling kan te prijzen zijn, maar helaas levert het nu een wel heel vrijblijvend oefenruimte-optreden op in plaats van een werkelijk memorabele show, waar we vooraf toch op gehoopt hadden. Zelfs al lijkt Malkmus het in deze setting meer naar zijn zin te hebben dan tijdens de Pavement-reünieconcerten van vorig jaar. Als hij er maar gelukkig mee is.  

We haasten ons nog naar Tivoli de Helling voor een van de weinige hiphopacts op het programma van Le Guess Who?, maar dan hebben we het ook over Shabazz Palaces, verantwoordelijk voor spannendste (en experimentele) hiphopplaat van de laatste tijd: Black Up. Helaas wil het avontuurlijke brouwsel van dwarse beats en vreemde samples live maar niet goed van het podium komen. De tracks gespeeld met behulp van een laptop en wat percussie klinken minder donker en totaal niet opzwepend. Shabazz Palaces gaat zo eigenlijk ten onder aan de eigen muzikaliteit: beter hadden Ishmael Butler en Tendai Maraire voor de botte bijl kunnen gaan door met snoeiharde beats en fellere raps te smijten zoals op het album; nu was de set eigenlijk te bedachtzaam, met bijna orerende raps. Gelukkig brengt hierna een stukje van de wat gladde, maar zeker effectieve elektronica van Com Truise onze eerste LGW-avond alsnog tot een bevredigend einde.

We zijn er nog lang niet: Le Guess Who? gaat door met oa. Richard Buckner, Other Lives, Bill Callahan, Holloys, Pinback, Low en vele anderen. Verder inkomen voor nog meer Le Guess Who?-dagen kan nog steeds via onze festivalpagina, met tips, albumreviews en drie mixtapes. Kom ook: er zijn nog enkele tickets aan de deuren van de zalen verkrijgbaar.

Verslag: Joris Rietbroek, Barry Spooren en Bas Jansen.

Reacties



Kattebel
Persoonlijke info onthouden?