Verslag: gitaarnoise en disco passen goed naast elkaar bij Indievloot
Sinds de eerste aflevering van Indiestad in Amsterdam afgelopen voorjaar, programmeert Paradiso zo nu en dan enkele verschillende, spannende indiebands van het moment op één avond volgens het concept Indievloot. Dat is weer tevens de naam van de actie met platenzaak Concerto die al jaren loopt, waarbij je voordeliger concertkaartjes voor opvallende concerten kunt kopen. Na twee dagen cq. avonden in Paradiso, gingen woensdag de deuren van het knusse Bitterzoet open voor optredens van drie bands. Mede dankzij een grote kaartenactie met Oor is het vanaf het begin al een ramvolle, flink warme bak.
Gelukkig maar, zo staat opener van de avond Chad VanGaalen met zijn band tenminste niet voor een lege vloer te spelen. De Canadees baarde aan het begin van de zomer opzien met zijn nieuwe, vierde plaat Diaper Island, vol fraaie liedjes opgenomen volgens het lofi-recept. Het blijkt typisch zo’n album dat na het zien van zijn optreden alleen nog maar beter wordt.
Willen sommige liedjes op plaat wat te rustig voortkabbelen, live zijn de sobere gitaarliedjes van VanGaalen opeens een stuk grilliger en rustelozer. De afwisseling met enkele mooie rustiger liedjes voorzien van een vleugje country en rake harmonieën maakt dit optreden af. VanGaalen zelf en zijn begeleiders ogen sympathiek en al zou je op straat dan pardoes voorbij lopen zonder ze op te merken, de sterke en grillige liedjes maken dat helemaal goed.
Tweede band van de avond Ringo Deathstarr uit Texas heeft zich op debuut Colour Trip al bewezen als de beste shoegazende imitator van My Bloody Valentine sinds… My Bloody Valentine. Ondanks dat het geluid van de band soms bijna naar plagiaat neigt, zijn de liedjes stuk voor stuk top en beheerst het trio de sound goed. Live begint Ringo Deathstarr nog wat aarzelend, maar gaandeweg worden effectpedalen verder ingetrapt, mag de prima drummer nog een stuk harder slaan en gaat het volume omhoog, totdat de zangmelodieën nog amper te horen zijn door de bakken vervormde gitaarherrie en –feedback.
Hier en daar is het nog rommelig, maar Ringo Deathstarr is beslist op de goede weg. Zanger/gitarist Elliot Frazier herstelt de term ‘shoegazer’ in alle glorie door het grootste deel van de tijd naar zijn pedalen te kijken. Door zijn krullende haardos zie je zijn gezicht nauwelijks. Niet heel erg, met een verleidelijke, roodharige bassiste op links en zoete zangstem als contrast met de heerlijke herrie.
De avond mag dansend worden beëindigd met Neon Indian. Van de hardnekkige modeterm chillwave krijgt ondergetekende het meteen Siberisch koud; Neon Indian-brein Alan Palomo mogelijk tegenwoordig ook: met zijn drie begeleiders is het live vooral behoorlijk gladde, hoewel goedgespeelde en beslist dansbare discopop wat de klok slaat, met een glansrol voor de strakke drummer. Pakkend nieuw nummer Polish Girl ontpopt zich als de nieuwe hit in de set. Zo krijg je dus een behoorlijk idee van hoe het nieuwe Neon Indian-album Era Extraña gaat klinken.
Wat echter snel kan irriteren, zijn de vele theatrale, wat nichterige maniertjes van Palomo op het podium. Dat deert een groot deel van het publiek in Bitterzoet duidelijk niet; de meisjes vooraan dansen al snel, vier nummers later volgt zo’n beetje de hele zaal. Juist met toegankelijker liedjes, een geliktere sound en de strapatsen van de frontman wel klaar om een groter publiek te bereiken. In die zin een geschikte afsluiter van deze meer dan geslaagde derde Indievloot-avond. Volgende keer weer, wat ons betreft. En u?
