concertverslag

Verslag: de lange Spaanse nachten op Primavera, met oa. Pulp, Battles, PJ Harvey en Sufjan Stevens

Joris, Donderdag 02 06 2011, 12:33

Verslag: de lange Spaanse nachten op Primavera, met oa. Pulp, Battles, PJ Harvey en Sufjan Stevens

Waarom reisden opvallend veel Nederlanders afgelopen week af naar Barcelona voor een groot muziekfestival, als je hier de komende maanden toch al omkomt in de festivals en livemuziek? Je boekt er immers een vliegticket voor, regelt een hotel of appartement en koopt een kaartje, wat aardig in de papieren loopt. En dan ben je er alleen nog maar. Het antwoord op de vraag waarom naar schatting enkele honderden Nederlanders vorige week naar Primavera Sound gingen, werd op Kicking the Habit eigenlijk al meerdere malen gegeven, aan de hand van tips van enkele bezoekers en eerdere nieuwsberichten: het festival wist de afgelopen jaren – en ook dit keer – een ronduit ongelooflijke line-up voor fijnproevers neer te zetten (hier geen Kings of Leons of Coldplays bovenaan de affiche) die zijn gelijke in Europa niet of nauwelijks kent. Een programma waarvan je je afvraagt hoe de organisatie die zo bij elkaar heeft weten te sprokkelen.

Er zijn fraaie headliners van grofweg het kaliber ‘ideale grote namen op Lowlands’, zoals Grinderman, PJ Harvey, Sufjan Stevens, Belle and Sebastian, The Flaming Lips, Big Boi, The National, Fleet Foxes en Interpol. Een flinke stapel oudere tot oude rotten die hun sporen lang geleden verdienden en wiens nalatenschap er nog altijd toe doet, zoals Swans, Suicide, Echo & The Bunnymen, Einstürzende Neubauten, P.I.L., Pere Ubu, Papas Fritas, Jon Spencer Blues Explosion, Low en Shellac. Plus een hele golf acts van hier en nu, door het met een podium op het festival aanwezige Pitchfork goedgekeurd, zullen we maar zeggen  Odd Future, James Blake, Of Montreal, The Walkmen, Ariel Pink’s Haunted Graffiti, Suuns, Battles, tUnE-yArDs, Cults, Kurt Vile, The Fresh & Only’s, Male Bonding, Cults, Yuck, Avi Buffalo, Baths, Gold Panda, Wolf People, Glasser, No Joy, Pissed Jeans... en dan heb je nog maar een kwart van het programma en is er nauwelijks tijd om Spaanse bands op een kleiner zijpodium te spotten.

Een groot verschil tussen Primavera en een beetje ander festival waar de Nederlandse bezoeker althans aan gewend is: er is nauwelijks gras. Het Parc del Fórum is gelegen in een moderner zakengebied buiten het centrum van Barcelona, werd aangelegd rond de Olympische Spelen van 1992 en vormt het decor voor Primavera, met wat opvallende architectuur op het terrein, veel opmerkelijke hoogteverschillen (dus veel traplopen) en enkele bescheiden wolkenkrabbers op de achtergrond. Maar ook met enkele podia die nagenoeg direct aan de Middellandse Zee gelegen zijn. Van een zekere kille sfeer is zeker geen sprake, wel van een aangename, ontspannen sfeer onder de naar schatting 30.000 tot 40.000 bezoekers.

We zijn immers in Spanje, dus daar komt het grootste verschil: op Primavera beginnen we niet zoals op Lowlands en Pinkpop al om 12.00 uur met bandjes kijken. Hoewel het eind mei nog best meevalt met de warmte, zou het overdag met al het beton om je heen niet te harden zijn in het Parc del Fórum. Los daarvan betekent een beetje Mediterraans leven dus dat we tussen 17.00 en 18.00 uur eens richting de podia gaan voor de eerste (kleine) bands, waarna de boel vanaf een uur of 21.00 echt op stoom mag komen om pas tegen 06.00 uur ’s morgens tot stilstand te komen, met felle partysets van bijvoorbeeld Girl Talk en Kode9.  

En ja, dat levert zeker in die nachtelijke uren memorabele momenten op, plus het inzicht dat er ook daadwerkelijk een behoorlijk music minded-publiek op Primavera afkomt, wellicht meer dan op een Lowlands dat tegenwoordig binnen een uurtje uitverkoopt. Het tot een trio gereduceerde Battles bijvoorbeeld maakt niet de makkelijkst behapbare muziek, zeker niet op nieuwe plaat Gloss Drop. Met meesterdrummer annex machine John Stanier vooraan het podium, kijken zeker 5000 tot 6000 tegen vijf uur ’s morgens nog geboeid toe, veelal wild dansend, met het besef na tien keer horen dat Gloss Drop eigenlijk een wat abstracte doch hele goeie dansplaat geworden is. In tegenstelling tot op Motel Mozaïque eerder dit jaar zit het nieuwe werk nu wel goed in de vingers en zie je de drie muzikanten nu wel tevreden blikken uitwisselen. Let op, dit wordt alleen nog maar beter, ook op christelijker tijden.

Bij het Canadese Suuns staan een nacht eerder misschien minder mensen, maar een zelfde soort gretige sfeer voor het podium zorgt ervoor dat de zalige noisy dronerock van het kwartet nog een slag venijniger en feller klinkt dan bij de eerdere optredens die we zagen. Grote klasse. Animal Collective mag op de laatste reguliere festivaldag het hoofdpodium afsluiten en doet dat eigenwijs: door dezelfde set met veel soms nog lastig te doorgronden nieuw werk te spelen. Daar haken weliswaar groepjes mensen dooraf, maar doordat er in de nieuwe nummers zoveel gebeurt, blijven 15.000 tot 20.000 mensen hier om half drie ’s nachts gewoon kijken, halverwege de set euforisch uit de stekker gaand op een baggervette uitvoering van Brothersport. Een droommomentje op zo’n festival, zoals ik het zelf van tevoren voor me zag, al was een Pulp misschien een idealer hoofdpodiumafsluiter geweest.

Op een festival als dit staat ook Bradford Cox’ Deerhunter op één van de grootste podia, om daar een vlammend en gemeen, vuig rockend optreden te geven, waarin nieuwe prijsnummers als Desire Lines, Helikopter en Memory Boy aan elkaar geregen worden door soundscapes die precies de spanning erin weten te houden. Hoogtepunt? Een zeker een kwartier doorjakkerend en –gierend Nothing Ever Happened van Microcastle. Wat een band, ook in Nederland nog eens op zo’n prominente festivalspot?

Over al die optredens terugdenkend: écht slechte shows heeft ondergetekende eigenlijk niet gezien. Of het moet de gare, platte hillbillyrock van Half Japanese zijn, waar ik per ongeluk vijf minuten belandde. Dat James Blake voor een ramvol terrein bij het Pitchfork-podium alleen maar een gevoel van totale leegte bij me oproept - daar verandert een strak tegen de beats intikkende drummer niks aan -, zal ook wel geheel mijn probleem zijn. Een reeks debutanten levert al heel aardige optredens op, zal zorgen zij niet voor de memorabele momenten.


Tijdens James Blake

Toch zijn bijvoorbeeld The Fresh & Onlys op de goede weg met strak gespeelde, galmende gitaarpop met een vleugje drama, al kan de zanger zich nog flink verbeteren. Amerikaanse bloghype Cults maakt op zijn debuutplaat speelse, ietwat mysterieuze elektropopliedjes, die live echter een gitaarbandbehandeling krijgen. Nog steeds alleraardigst dankzij een prima zangeres, maar ook wel veel meer gewoontjes zo. Engels ragrocktrio Male Bonding gaat wat onderuit door Radiation Vibe van Fountains of Wayne te coveren, op slag het beste liedje in de set. Weten ze zelf ook: “We are never gonna be as good as them.” Jonge Engelse band Yuck is intussen enorm vooruit gegaan: hun zwaar door Dinosaur Jr., Pavement én Teenage Fanclub beïnvloedde gruisgitaarpop klinkt opeens stukken hechter, krachtiger en feller dan op Eurosonic of London Calling, terwijl het op het podium bovendien een minder statische bedoening is.


Cults

Leuke optredens, maar uiteindelijk niet dé redenen dat je naar Spanje gaat; wel voor een hele stoet aan favorieten op één festival, plus de gerespecteerde oude rotten die ik zelf nooit eerder zag. In die categorie maakt naast Pere Ubu en de geweldige geschiedenisles in ritmische machinemuziek van Einstürzende Neubauten Michael Gira’s doomnoiseband Swans de meeste indruk. Hoewel het volume niet eens zo hoog is – oordoppen niet nodig – is de intensiteit binnen de lange, met gitaarnoise, bellen en cymbalen doorgoten nummers verschroeiend en immens meeslepend. Vindt ook een behoorlijk uitzinnig publiek. “Thank you, I wanna have sex with each and everyone of you”, aldus een gepijnigd grijnzende Gira.


Einstürzende Neubauten

Voor de zoveelste in de afgelopen tien, vijftien jaar luister ik aan de grond genageld naar PJ Harvey, die op het grootste podium van het festival een veelduizendkoppig, aandachtig publiek voor zich heeft. Niet zo gek: ook al zingt ze op haar nieuwe plaat Let England Shake over de gruwelen van oorlog, haar muziek gemaakt met drie begeleiders op leeftijd op de rechterflank klonk live juist nog nooit zo wonderschoon; fragiel en toch krachtig tegelijk. Duizenden mensen hangen ademloos aan haar lippen. De gekte van Nick Cave’s Grinderman lijkt al wat meer routineuze vormen te hebben aangenomen, met nagenoeg dezelfde set als in Utrecht vorig jaar. Neemt natuurlijk niet weg dat de vuigheid van Grinderman en Cave’s persoonlijkheid gemaakt zijn voor het hoofdpodium.

Momenten van totale euforie? Die zijn er in elk geval bij Sufjan Stevens, die zowel donderdag als vrijdag in het Rockdelux Auditorium speelt. Deze optredens bezoeken ontaardde in een wat curieuze loterij (inschrijven en dan maar hopen dat je werd ingeloot), maar meer nog dan in Eindhoven: wat een intense pracht en praal en wat een collectieve blijdschap in de extravagante finale van een dik half uur die Impossible Soul heet, het even geweldige als uitputtende sluitstuk van Stevens’ jongste album The Age Of Adz.


Euforie bij de extravagante Sufjan Stevens-finale

De show waar iedereen voor gekomen lijkt te zijn? Pulp natuurlijk: de Britse band rond Jarvis Cocker speelt op Primavera de allereerste grote reünieshow van deze zomer. Een reünieshow zoals het moet, weliswaar zonder vroeg werk, maar mét alle hits uit de jaren negentig en zeker driekwart van meesterwerk Different Class. We zagen Jarvis Cocker de afgelopen jaren enkele keren solo optreden; vermakelijk was het altijd, maar in deze setting is hij met zijn felle performance pas echt in vorm. En voor deze keer is het geen bezwaar dat de liedjes precies zo goed klinken als op His ’n Hers of Different Class, met gitaren en heldere synths precies in balans en de stem van Cocker alsof het nog gewoon 1995 is. Totale massale euforie op het veld, zeker onder de duizenden Britten die op Primavera afgekomen zijn, en nog het meest bij hits Do You Remember The First Time?, Disco 2000 en Common People.

Daarbij is Cocker een van de weinigen die zich publiekelijk uitspreekt over het dubieuze optreden van de politie tegen demonstranten op het Placa de Catalunya van die vrijdagmorgen (in het kader van protesten tegen de hoge werkloosheid in Spanje), waarbij met rubberen kogels is geschoten. Het werpt nu ook weer geen smet op het festival zelf, al is het in zekere zin wrang dat het zo samenvalt. “Soms is het als buitenstaander lastig om in te schatten wat er precies aan de hand is in een land, maar schieten op mensen is hoe dan ook verkeerd.” Spanish revolution-borden gaan de lucht in: Jarvis was al de held van de avond, nu helemaal. Hij komt tegemoet aan het commentaar van sommigen op Twitter of elders: dat het festival zich stilhoudt terwijl potentiële ‘leden van de doelgroep’ in elkaar worden getimmerd in een strijd voor een betere toekomst. De subsidie van de stad en Catalonië schijnt naast de sponsoring niet misselijk te zijn.

Voor sommigen is dat zwijgen dan ook een groter issue dan een betaalpassysteem voor drankjes dat op dag één niet blijkt te werken, zodat alles daarna met cash wordt afgerekend. Om ook nog even een organisatorische domper aan te stippen, die we door alle goede muziek al bijna waren vergeten. Moet je je als toerist schuldig voelen als je met genoeg poen op zak in een land met sociale problemen, waar de jeugdwerkloosheid tot veertig procent oploopt, zo’n festival bezoekt? Misschien kun je het een beetje decadent noemen, maar uiteindelijk zie ik het los van elkaar en zeg ik toch vooral: met een line-up van dit kaliber heel graag volgend jaar weer.


Suuns

,

Momentje, de reacties worden opgehaald...

Reageer
Je reageert op ..
Van




Inhoud